Zelf wijn maken klinkt ingewikkeld, maar met een goed wijnmaak startpakket valt dat behoorlijk mee. Je hoeft niet meteen een wijngaard te hebben of tientallen kilo’s druiven te persen. Met een compleet pakket, druiven of druivensap en wat geduld kun je thuis je eigen rode of witte wijn maken.
Het leuke is dat je het proces van begin tot eind zelf meemaakt. Je ziet de gisting op gang komen, volgt hoe suiker wordt omgezet in alcohol en uiteindelijk heb je flessen wijn die je zelf hebt gemaakt. De eerste poging zal misschien niet meteen een wijn opleveren die je blind naast een dure fles uit de winkel kunt zetten. Maar juist het steeds een beetje verbeteren maakt wijn maken zo’n leuke hobby.

In dit artikel lees je wat een wijnmaak startpakket precies bevat, welke druiven of andere grondstoffen je kunt gebruiken en vooral hoe je stap voor stap zelf wijn maakt. Ook geven we tips waarmee je de kans op een lekkere wijn flink groter maakt. Want bij wijn maken zitten de grootste verbeteringen vaak niet in ingewikkelde trucs, maar in schoon werken, goed meten, de juiste temperatuur en vooral: niet te snel willen gaan.
Inhoudsopgave
- Wat is zelf wijn maken?
- Goede startpakketten om zelf wijn te maken
- Wat zit er in een wijnmaak startpakket?
- Welke druiven heb je nodig om wijn te maken?
- Kun je ook wijn maken van druivensap?
- Wat heb je verder nodig?
- Zelf wijn maken stap voor stap
- De eerste gisting
- Hoe weet je of de gisting klaar is?
- De wijn overhevelen
- Wijn klaren en helder maken
- Wanneer is zelfgemaakte wijn klaar om te bottelen?
- Zelf wijn bottelen
- Hoe lang moet zelfgemaakte wijn rijpen?
- Hoe krijg je zelfgemaakte wijn lekkerder?
- Veelgemaakte fouten bij zelf wijn maken
- Zelf wijn maken zonder druiven uit eigen tuin
- Rode wijn of witte wijn zelf maken?
- Kun je ook wijn maken van ander fruit?
- Is zelf wijn maken moeilijk?
- Ervaringen
Wat is zelf wijn maken?
Zelf wijn maken betekent in de basis dat je suikerhoudend vruchtensap door gist laat vergisten. De gist zet een deel van de suikers om in alcohol en koolzuurgas. Na de gisting blijft er een vloeistof over die nog jong en vaak troebel is. Die moet vervolgens worden gescheiden van het bezinksel, eventueel worden geklaard en daarna rustig rijpen.
Bij professionele wijnmakers komt daar natuurlijk veel meer bij kijken. Zij letten onder andere op druivenras, suikergehalte, zuurgraad, temperatuur, tannines, zuurstof en het moment van oogsten.
Als beginner hoef je gelukkig niet meteen een compleet wijnlaboratorium te bouwen.
Een goed wijnmaak startpakket neemt veel werk uit handen. Je krijgt bijvoorbeeld een of meer gistingsvaten, een waterslot, een hydrometer, een thermometer en hulpmiddelen voor het schoonmaken en bottelen. Afhankelijk van het pakket zitten er ook gist, gistvoeding, zuren en andere hulpmiddelen bij.
Het is vooral de combinatie van het materiaal en de juiste werkwijze die ervoor zorgt dat je een goede kans hebt op een geslaagde wijn.
Goede startpakketten om zelf wijn te maken
Kijk bij “zelf wijn brouwen” voor startpakketten en losse accessoires en ingrediënten om zelf wijn te maken.
Een compleet pakket is voor een beginner meestal verstandiger dan alle onderdelen los kopen. Je weet dan zeker dat de belangrijkste spullen bij elkaar passen en je hoeft niet zelf uit te zoeken welk type waterslot, hydrometer of gistingsvat je nodig hebt.
Let bij het vergelijken van een startpakket vooral op de inhoud. Een goedkoop pakket is niet automatisch voordelig als je daarna nog allerlei belangrijke onderdelen moet bijkopen.
Vooral een hydrometer, thermometer, waterslot, geschikt gistingsvat en materiaal voor schoonmaken en desinfecteren zijn belangrijk. Ook een overhevelslang en spullen om de wijn uiteindelijk te bottelen zijn erg handig.
Een pakket voor wijn maken is dus pas echt compleet als je er niet alleen mee kunt beginnen, maar ook de wijn kunt afwerken en in flessen kunt doen.
Wat zit er in een wijnmaak startpakket?
De inhoud verschilt per pakket, maar de belangrijkste onderdelen hebben allemaal hun eigen functie.
Een gistingsvat is de plek waar de eerste gisting plaatsvindt. Het vat moet geschikt zijn voor levensmiddelen en voldoende groot zijn. Je wilt tijdens de eerste fase wat ruimte overhouden, zeker wanneer je met druivenpulp of schuimvorming werkt.
Een waterslot lijkt een klein onbelangrijk onderdeel, maar is juist erg handig. Tijdens de gisting ontstaat koolzuurgas. Dat gas moet kunnen ontsnappen, terwijl je tegelijkertijd wilt voorkomen dat stof, insecten en ongewenste micro-organismen gemakkelijk bij de wijn komen.
De hydrometer is misschien wel het interessantste hulpmiddel in een startpakket. Daarmee meet je de soortelijke massa van de vloeistof. Omdat suiker de dichtheid verhoogt en alcohol de dichtheid verlaagt, kun je met metingen vóór en tijdens de gisting volgen wat er gebeurt. Een stabiele waarde aan het einde van de gisting is veel betrouwbaarder dan alleen afgaan op het aantal dagen dat de wijn staat te gisten.
Een thermometer is eveneens nuttig. Gist werkt niet bij iedere temperatuur hetzelfde. Te koud kan de gisting langzaam of zelfs stil maken, terwijl een te hoge temperatuur ongewenste smaken kan geven.
Verder zijn een roerspaan, maatbeker, overhevelslang, flessen en een manier om de flessen af te sluiten praktisch.
En dan is er iets waar je niet op moet bezuinigen: schoonmaak- en desinfectiemiddel. Schoonmaken en desinfecteren zijn namelijk niet hetzelfde. Eerst moet vuil en aanslag worden verwijderd en daarna moet het materiaal worden gedesinfecteerd.
Welke druiven heb je nodig om wijn te maken?
Je kunt niet zomaar iedere tafeldruif gebruiken en verwachten dat daar vanzelf een goede wijn uit komt.
Wijndruiven zijn geselecteerd op eigenschappen die belangrijk zijn voor wijn, zoals suikergehalte, zuurgraad, schil, tannines en aroma’s. Bovendien verschilt de ideale druif voor rode wijn van die voor witte wijn.
Bekende druiven voor rode wijn zijn bijvoorbeeld Cabernet Sauvignon, Merlot, Pinot Noir en Malbec. Voor witte wijn zijn Chardonnay, Sauvignon Blanc en Riesling bekende voorbeelden.
Voor een beginnende wijnmaker is echter vooral belangrijk dat de druiven rijp, gezond en geschikt voor wijnbereiding zijn. Rotte of beschimmelde druiven horen niet in je wijn.
Heb je druiven uit eigen tuin? Dan is het verstandig om niet alleen te kijken of ze lekker zoet smaken. Het suikergehalte van druiven kun je beter meten. Een hydrometer geeft je daarvoor veel meer informatie dan proeven alleen.
Ook in Nederland worden steeds meer wijndruiven geteeld. Vooral rassen die geschikt zijn voor een koeler klimaat kunnen interessant zijn als je met druiven uit eigen tuin wilt experimenteren.
Kun je ook wijn maken van druivensap?
Ja, en voor een beginner kan dit zelfs een heel interessante manier zijn om te beginnen.
Je hoeft dan niet eerst druiven te persen, pitten en stelen te verwijderen en grote hoeveelheden fruit te verwerken. Je begint met sap en kunt daardoor direct aan de gisting beginnen.
Het belangrijkste is dat je sap gebruikt dat geschikt is voor wijnbereiding. Gewoon druivensap uit de supermarkt is niet automatisch een goede basis voor wijn. Het kan bijvoorbeeld extra suiker, conserveringsmiddelen of andere toevoegingen bevatten die niet bedoeld zijn voor fermentatie.
Lees daarom altijd wat er in het sap zit voordat je het gebruikt.
Druivensap maakt het proces een stuk eenvoudiger, maar het is niet minder belangrijk om de temperatuur, hygiëne en voortgang van de gisting goed in de gaten te houden.
Wat heb je verder nodig?
Naast het startpakket heb je natuurlijk de grondstof voor de wijn nodig. Dat kunnen verse druiven zijn, druivensap of een wijnmaakpakket waarin bijvoorbeeld druivensapconcentraat zit.
Verder heb je water nodig als het recept daarom vraagt. Gebruik bij voorkeur water dat geschikt is om te drinken en geen sterke chloorgeur heeft.
Voor het bottelen heb je wijnflessen nodig. Schone gebruikte wijnflessen kunnen daarvoor prima worden gebruikt, zolang ze grondig worden schoongemaakt en geschikt zijn voor hergebruik. Je hebt daarnaast nieuwe passende kurken of een andere geschikte afsluiting nodig.
Een trechter kan handig zijn, maar zorg dat ook die schoon en gedesinfecteerd is voordat hij met de wijn in aanraking komt.
Een eenvoudige notebook is trouwens een van de goedkoopste en nuttigste hulpmiddelen. Schrijf op welke druiven of welk sap je hebt gebruikt, hoeveel suiker je hebt toegevoegd, welke gist je hebt gebruikt, wanneer de gisting begon en welke hydrometerwaarden je hebt gemeten.
Na een paar batches heb je daarmee je eigen receptenboek.
Zelf wijn maken stap voor stap
Het precieze recept verschilt per wijnmaakpakket. Volg daarom altijd de handleiding die bij het specifieke pakket en de gebruikte ingrediënten hoort. Verschillende wijnkits kunnen namelijk een verschillende volgorde of hoeveelheid voorschrijven.
De algemene werkwijze ziet er ongeveer zo uit.
Eerst maak je alle apparatuur grondig schoon. Daarna desinfecteer je alles wat met de most of wijn in aanraking komt.
Vervolgens bereid je het druivensap, de druiven of het concentraat volgens het recept.
Daarna meet je de beginsituatie met de hydrometer. Noteer deze waarde. Dit is later belangrijk om de voortgang van de gisting te kunnen beoordelen en geeft je bovendien informatie over het potentiële alcoholpercentage.
Daarna voeg je de gist toe. Bij sommige recepten voeg je ook gistvoeding of andere ingrediënten toe.
Het gistingsvat gaat vervolgens dicht met een waterslot.
Vanaf dat moment begint het wachten, maar dat betekent niet dat je niets meer hoeft te doen.
De eerste gisting
De eerste gisting is de periode waarin de gist het meeste suiker omzet in alcohol en koolzuurgas.
In het begin kan de activiteit behoorlijk duidelijk zijn. Je ziet bijvoorbeeld bellen in het waterslot en soms ontstaat er schuim.
Het is verleidelijk om steeds het deksel open te maken om te kijken wat er gebeurt. Doe dat liever zo weinig mogelijk. Iedere keer dat je het vat opent, vergroot je de kans dat er iets ongewensts in de wijn terechtkomt.
Het waterslot is juist gemaakt om je een kijkje te geven zonder dat je het vat telkens hoeft te openen.
Zet het gistingsvat bovendien op een plaats waar de temperatuur redelijk stabiel is. Een koude garage waar het ’s nachts flink afkoelt is bijvoorbeeld minder geschikt dan een ruimte met een gelijkmatigere temperatuur.
Kijk vooral naar de temperatuur die voor jouw gist en wijnrecept wordt aanbevolen. Er bestaat niet één temperatuur die voor alle wijn hetzelfde is.
Geduld tijdens de gisting
Een van de moeilijkste dingen bij zelf wijn maken is misschien wel niets doen.
Wanneer het waterslot nauwelijks meer beweegt, betekent dat niet automatisch dat de gisting klaar is. Andersom betekent een actief waterslot ook niet dat je precies weet hoeveel suiker er nog aanwezig is.
Meet daarom met de hydrometer wanneer het recept dat voorschrijft.
De dalende hydrometerwaarde laat zien dat de dichtheid van de vloeistof verandert. Wanneer de waarde aan het einde stabiel blijft, heb je veel meer zekerheid dat de gisting klaar is.
Hoe weet je of de gisting klaar is?
Kijk niet alleen naar het waterslot.
Dat is een belangrijke tip voor iedere beginnende wijnmaker.
Een waterslot kan minder activiteit vertonen doordat de temperatuur verandert of doordat er ergens een kleine lekkage zit. Daardoor is het geen nauwkeurige meter voor de voortgang van de gisting.
De hydrometer is daarvoor veel nuttiger.
Neem met schoon en gedesinfecteerd materiaal een monster en meet de soortelijke massa. Noteer de waarde. Doe op het juiste moment nog een meting.
Wanneer de waarde op het einde stabiel blijft en overeenkomt met wat je bij jouw recept mag verwachten, is dat een veel betere aanwijzing dat de vergisting is voltooid.
Laat de wijn niet op goed geluk bottelen omdat er bijvoorbeeld “twee weken voorbij zijn”. De kalender is geen vervanging voor een meting.
Een hydrometer is daarmee niet alleen een leuk extraatje uit een startpakket, maar een van de belangrijkste hulpmiddelen om fouten te voorkomen.
De wijn overhevelen
Na de actieve gisting blijft er bezinksel op de bodem liggen. Daar zitten onder andere gistcellen en andere vaste deeltjes in.
De wijn overhevelen betekent dat je de relatief heldere wijn voorzichtig naar een schoon en gedesinfecteerd vat brengt, zonder het bezinksel mee te nemen.
Dit wordt ook wel rekken of overhevelen genoemd.
Gebruik hiervoor een slang of hevel. Zet het uiteinde dat in de wijn gaat niet helemaal op de bodem. Je wilt de heldere wijn meenemen, maar het sediment zoveel mogelijk laten liggen.
Doe het rustig. Een wijnfles vullen is geen race.
Het doel is niet alleen om de wijn helder te krijgen. Je voorkomt ook dat de wijn onnodig lang op een dikke laag bezinksel blijft staan.
Het precieze moment waarop je overhevelt verschilt per recept en wijn. Volg daarom de instructies van het gebruikte wijnmaakpakket.
Wijn klaren en helder maken
Verse zelfgemaakte wijn is vaak niet direct helder. Dat is normaal.
Na de gisting kunnen kleine deeltjes in de wijn zweven. Deze zakken uiteindelijk naar beneden, maar dat kan tijd kosten.
Je kunt een wijn op natuurlijke wijze laten klaren door hem rustig te laten staan. Sommige wijnmaakpakketten bevatten daarnaast een klaringsmiddel waarmee dit sneller kan gaan.
Gebruik zo’n middel alleen volgens de aanwijzingen van het recept. Meer toevoegen is niet automatisch beter.
Een handige tip is om een heldere wijn niet steeds onnodig te verplaatsen. Iedere keer dat je een vat beweegt, kan sediment weer omhoog komen.
Dus als de wijn eindelijk mooi helder is: laat hem dan met rust.
Wanneer is zelfgemaakte wijn klaar om te bottelen?
Een wijn is klaar om te bottelen wanneer de gisting volledig is afgerond, de wijn voldoende helder en stabiel is en het recept aangeeft dat de volgende stap het bottelen is.
Bottel nooit alleen omdat de wijn er mooi uitziet.
Er kan nog steeds vergistbare suiker aanwezig zijn. Als je die wijn vervolgens in een afgesloten fles doet, kan de gisting in de fles doorgaan.
Dat kan leiden tot koolzuurvorming en een gevaarlijke drukopbouw. Een fles kan daardoor gaan lekken of zelfs breken.
Dit is een van de belangrijkste redenen om het einde van de gisting niet op gevoel vast te stellen.
Ook wanneer je de wijn later zoeter wilt maken, moet je extra voorzichtig zijn. Suiker toevoegen aan wijn die nog kan vergisten kan de gist opnieuw activeren.
Volg daarom bij zoeter maken, stabiliseren en bottelen nauwkeurig de instructies van je wijnmaakrecept.
Zelf wijn bottelen
Gebruik alleen goed gereinigde en gedesinfecteerde wijnflessen.
Vul de flessen niet helemaal tot aan de rand. Er moet voldoende ruimte overblijven volgens de methode en afsluiting die je gebruikt.
Werk rustig en probeer zo weinig mogelijk met de wijn te kliederen. Vooral bij een uitgegiste wijn wil je onnodig contact met lucht beperken.
Vervolgens sluit je de fles af met een geschikte wijnkurk of andere afsluiting.
Schrijf eventueel op het etiket welke wijn het is en wanneer hij is gemaakt.
Dat klinkt overdreven bij je eerste fles, maar na een paar batches ben je blij dat je het hebt gedaan. Als je drie maanden later een goede wijn proeft, wil je namelijk weten welke druif, gist en werkwijze je hebt gebruikt.
Hoe lang moet zelfgemaakte wijn rijpen?
Dit is een van de leukste, maar ook lastigste onderdelen van wijn maken.
Een jonge wijn kan al drinkbaar zijn voordat hij echt mooi op smaak is. Na de gisting kunnen smaken nog wat scherp, los of onevenwichtig overkomen.
Tijdens het rijpen kunnen die smaken beter samenkomen.
Hoe lang dat duurt, hangt sterk af van het soort wijn. Een eenvoudige lichte wijn kan relatief snel prettig drinkbaar zijn. Een stevige rode wijn heeft vaak meer tijd nodig.
Laat je dus niet verleiden om alle flessen meteen op te drinken zodra ze gebotteld zijn.
Een leuke aanpak is om een aantal flessen apart te houden. Open bijvoorbeeld één fles na een paar weken, één later en nog een aantal maanden daarna.
Zo proef je zelf wat rijping met jouw wijn doet.
En daar zit misschien wel de leukste kant van zelf wijn maken: je hoeft niet te vertrouwen op een algemene tabel die vertelt wanneer jouw wijn “klaar” is. Je kunt het zelf ontdekken.
Hoe krijg je zelfgemaakte wijn lekkerder?
De grootste kwaliteitsverbetering zit meestal niet in een exotisch ingrediënt.
Begin met goed uitgangsmateriaal. Slechte druiven worden geen goede wijn doordat je er een betere fles van maakt.
Daarna komt hygiëne. Alles wat met de wijn in aanraking komt moet goed schoon en gedesinfecteerd zijn. Een onzichtbaar restje vuil kan uiteindelijk veel meer invloed hebben dan je zou verwachten.
Ook temperatuur is belangrijk. Gist is een levend organisme en reageert op de omstandigheden. Houd de temperatuur daarom binnen het bereik dat voor jouw gist en recept wordt aanbevolen.
Meet daarnaast de voortgang. Een hydrometer neemt een groot deel van het giswerk weg.
En misschien wel de belangrijkste tip: verander niet vijf dingen tegelijk.
Als je eerste wijn tegenvalt en je hebt tegelijkertijd een andere gist, extra suiker, ander sap en een andere temperatuur gebruikt, weet je niet waardoor het resultaat kwam.
Verander liever één onderdeel per volgende batch.
Zo leer je daadwerkelijk wijn maken.
Maak aantekeningen
Schrijf niet alleen op wanneer je de wijn hebt gemaakt.
Noteer ook:
- welke druiven of welk sap je gebruikte
- het oorspronkelijke suikergehalte of de beginwaarde van de hydrometer
- welke gist je gebruikte
- de temperatuur tijdens de gisting
- wanneer je hebt overgeheveld
- eventuele toevoegingen
- de uiteindelijke hydrometerwaarde
- wanneer je hebt gebotteld
- hoe de wijn na enkele weken en maanden smaakte
Na een paar keer wijn maken heb je daarmee iets wat geen standaard startpakket kan leveren: je eigen ervaring.
Veelgemaakte fouten bij zelf wijn maken
Een veelgemaakte fout is onvoldoende schoonmaken.
Het gistingsvat ziet er misschien schoon uit, maar dat betekent niet dat het ook geschikt is om wijn in te maken. Eerst reinigen en daarna desinfecteren is een belangrijk verschil.
Een andere fout is te veel vertrouwen op het waterslot. Het waterslot is handig, maar vertelt je niet exact hoeveel suiker er nog in de wijn zit.
Ook te vroeg bottelen is een risico. Een wijn die nog verder kan gisten hoort niet zomaar in een afgesloten fles.
Verder wordt er door beginners vaak te veel suiker toegevoegd omdat de wijn na de gisting zuur of scherp smaakt. Dat hoeft niet te betekenen dat er meer suiker in moet. Jonge wijn kan later zachter worden en de uiteindelijke smaak hangt ook samen met zuurgraad, alcohol en fruitaroma’s.
Nog een fout: te veel aan de wijn zitten.
Tijdens het gisten wil je controleren wat er gebeurt, maar niet iedere dag roeren, proeven en overhevelen. Hoe meer je onnodig aan de wijn komt, hoe groter de kans op vervuiling en ongewenste blootstelling aan zuurstof.
Zelf wijn maken zonder druiven uit eigen tuin
Je hebt geen eigen wijngaard nodig.
Je kunt druiven kopen bij een leverancier die druiven of druivensap voor wijnbereiding verkoopt. Ook zijn er wijnmaakpakketten waarbij het druivenconcentraat of sap al onderdeel van het recept is.
Voor beginners kan zo’n pakket zelfs een voordeel hebben. Het uitgangsmateriaal is dan veel beter voorspelbaar dan wanneer je zelf een grote hoeveelheid druiven uit de tuin verzamelt.
Met eigen druiven krijg je natuurlijk wel een extra uitdaging. Het ene jaar kan de oogst anders zijn dan het andere jaar. Het suikergehalte en de zuurgraad kunnen variëren en het weer heeft invloed op de rijping.
Juist daardoor is wijn maken met druiven uit eigen tuin zo interessant.
Maar als je vooral wilt leren hoe het vergisten, overhevelen, klaren en bottelen werkt, is een startpakket een veel eenvoudiger begin.
Rode wijn of witte wijn zelf maken?
Rode en witte wijn worden niet helemaal op dezelfde manier gemaakt.
Bij rode wijn speelt de schil een belangrijke rol. Het sap blijft tijdens een deel van de bereiding in contact met de schillen. Hierdoor komen onder andere kleurstoffen en tannines in de wijn terecht.
Bij witte wijn wordt het sap meestal sneller van de vaste delen gescheiden.
Dat betekent dat je voor rode wijn en witte wijn niet altijd exact dezelfde werkwijze kunt gebruiken.
Gelukkig zijn de meeste goede wijnmaakpakketten hier duidelijk over. Gebruik de instructies die horen bij de wijn die je maakt.
Als je voor het eerst zelf wijn maakt, is het verstandig om niet tegelijkertijd een ingewikkelde rode wijn en een witte wijn met een compleet ander proces te proberen. Begin met één recept en leer eerst hoe jouw materiaal werkt.
Kun je ook wijn maken van ander fruit?
Ja. Technisch gezien hoeft wijn niet uitsluitend van druiven te worden gemaakt.
Appelwijn, perenwijn, bessenwijn en andere fruitwijnen zijn voorbeelden van dranken waarbij fruit als basis wordt gebruikt.
Het proces lijkt op veel punten op druivenwijn, maar de eigenschappen van het fruit verschillen. Het suikergehalte, de zuurgraad, de hoeveelheid tannines en de structuur zijn anders.
Daarom kun je niet zomaar een recept voor druivenwijn vervangen door bijvoorbeeld appels en dezelfde hoeveelheden gebruiken.
Voor een eerste poging is een wijnmaakpakket met een duidelijk recept meestal de verstandigste keuze. Als je eenmaal ervaring hebt, wordt het leuk om te experimenteren met ander fruit.
Is zelf wijn maken moeilijk?
Nee, maar een goede wijn maken is iets anders dan alleen een wijn laten gisten.
Het eerste lukt met een goed startpakket vrij gemakkelijk. De uitdaging zit vooral in het steeds beter leren beheersen van het proces.
De basis is eigenlijk eenvoudig:
goed materiaal, goed uitgangsmateriaal, schoon werken, de juiste gist, een geschikte temperatuur, meten wat er gebeurt en voldoende geduld.
Je hoeft voor je eerste wijn dus geen wijnkenner of chemicus te zijn.
Wel helpt het enorm om niet alleen de stappen uit een handleiding klakkeloos uit te voeren, maar ook te begrijpen waarom je ze uitvoert.
Als je weet waarom een waterslot wordt gebruikt, waarom je een hydrometer nodig hebt en waarom je een wijn niet te vroeg moet bottelen, maak je veel minder snel beginnersfouten.
En misschien nog belangrijker: accepteer dat je eerste wijn vooral een leerproces is.
De kans is groot dat fles nummer één niet precies smaakt zoals je had gehoopt. Dat is geen mislukking. Bij de tweede batch weet je al veel meer. En als je de gegevens van beide batches hebt opgeschreven, kun je ook verklaren waarom de tweede beter of juist anders is geworden.
Dat is het moment waarop zelf wijn maken echt interessant wordt.
Ervaringen
Heb je zelf wijn gemaakt met een wijnmaak startpakket? Plaats dan hieronder je eigen ervaring. Vertel bijvoorbeeld welk soort wijn je hebt gemaakt, of je druiven, druivensap of een wijnmaakpakket hebt gebruikt en hoe het uiteindelijke resultaat is geworden.
Ook de ervaringen van andere gebruikers zijn hieronder te lezen. Daarmee kun je ideeën opdoen voor je eigen wijn en leren van ervaringen van andere beginnende en ervaren wijnmakers.

Geef een reactie